Ik schrok me dood…

…ondanks het feit dat ik al jaren getrouwd was…

De kwestie rondom de ongein waarmee zangeres Maan onlangs geconfronteerd werd, en de voor haar negatieve reacties erop die mij de haren ten berge deden rijzen, moest ik terugdenken aan een blog dat ik een paar jaar geleden schreef over mijn eigen schrikreactie toen ik ongewild geconfronteerd werd met een blote piemel… 

Hieronder een verkorte weergave van het bewuste blog.

Ik ben een associatief denker – nou ja, dénker… Een luchtige discussie op Twitter, een dito draadje op Facebook en een blog enige tijd later op de leuke vrouwen-van-een-zekere-leeftijd site “Overgangstergirls” riepen allerlei associaties bij me op die me terugwierpen naar het beha-loze tijdperk ofwel de roerige jaren zeventig van de tweede feministische golf, waarin onelegante tuinbroeken en door slechte kappers gekortwiekte haren de boventoon voerden. Kortom, alles wat een vrouw tot het tegendeel van een lustobject maakte, maar… tevens het tijdperk was van ‘Deep Throat’, ‘Behind the Green Door’ en onze eigen onvolprezen ‘Blue Movie’.

Het begon allemaal rond mijn opmerking op Twitter dat ik de ‘overgang voorbij’ was. Net zoiets als ‘de schaamte voorbij’? vroeg een van mijn teerbeminde tweeps? Welnu, van het een kwam het ander, en via het feministische boekwerkje van Anja Meulenbelt kwam ik uit bij Marilyn French’ ‘The Women’s Room’.

Noch van het boek van Anja Meulenbelt noch van dat van Marilyn French herinner ik me veel, behalve dan dat de bewuste – onttaboetiserende – boekwerkjes in die tijd een must read waren voor vrouwen die broodnodig geëmancipeerd moesten worden. In ieder geval hebben beide schrijfsters op sappige en een enkele keer zelfs op humoristische wijze het verschijnsel `man’ onder de loep genomen.

Het boek van Marilyn French vormt onderdeel van een waar gebeurd verhaal dat ik u niet wil onthouden, lieve lezer.

Een paar minuten voor vertrek zit ik in de trein naar Voorschoten het bewuste boek te lezen. Nét als ik lees dat `all men rapists’ zijn, voel ik iets voor mij bewegen. De blik van mijn boek afwendend, kijk ik recht in het kloeke geslacht van een exhibitionist die het, in het treinhalletje, met zijn rechterhand kordaat en ritmisch op en neer beweegt. Innerlijk verblik en verbloos ik, schrik ik me dood… Mijn oksels klotsen, zweetdruppeltjes verschijnen op mijn voorhoofd, ik heb hartkloppingen, maar ik weet mijn uitdrukking neutraal te houden en lees verder alsof er niets aan de hand is. Op mij na is de coupé leeg. Er spoken allemaal gedachten door mijn hoofd. Wat als hij náást me komt zitten? Er is niemand anders in de coupé! Wat als hij óók in Voorschoten uitstapt, het stationnetje is om deze tijd zo verlaten? Ik word toch niet aangerand…?

Met mijn ogen nog steeds strak op het boek gericht, verman ik mezelf. Ik weet donders goed dat exhibitionisten hun kick halen uit de schrik die ze bij vrouwen teweegbrengen, dat ze verder geen kwaad in de zin hebben. Maar toch… ik hoor de fluit (no pun intended) van de conducteur, ik kijk weer op. De potloodventer is vertrokken… Vermoedelijk op weg naar een andere stilstaande trein om daar opnieuw een vrouw een geschrokken blik op zijn pik te gunnen. Pfff. Ik slaak een zucht van verlichting en lees verder.

Hiermee wil ik maar zeggen dat het vertrouwd zijn met het mannelijk orgaan iets heel anders is dan er agressief mee geconfronteerd te worden. Maans reactie was volstrekt normaal, en het is intriest dat het de bewuste jonge mannen, ook niet na alle toestanden rond #metoo, niet alleen aan inlevingsvermogen ontbrak maar ook aan zoiets ouderwets als fatsoen.

©Renée Olsthoorn

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s